|
Informatief
|
|
Gedicht op Kaap Hoorn monument |
|
|
|
Albatros (Gedicht van Sara Vial op het monument op Kaap Hoorn eiland) Soy el albatros que te espera en el final del mundo. Soy el alma olvidada de los marinos muertos que cruzaron el Cabo de Hornos desde todos los mares de la tierra. Pero ellos no murieron en las furiosas olas, hoy vuelan en mis alas hacia la eternidad, en la ultima grieta de los vientos antárcticos. I am the albatross that awaits at the end of the world... I am the forgotten soul of the sailors lost, rounding Cape Horn from all the seas of the world. But die they did not in the fierce waves, for today towards eternity, in my wings they soar, in the last crevice of the Antarctic winds. Ik ben de albatros die je opwacht aan het wereldeinde. Ik ben de vergeten ziel van de verdronken zeelui die Kaap Hoorn rondden komende van alle wereldzeeën. Maar zij stierven niet in het golvengeweld, nu vliegen zij met mijn vleugels op naar de eeuwigheid, in die allerlaatste kloof van de zuidpoolwinden. |
De laatste Kaaphoornvaarder Door Tom Grijsen, Radio Nederland Wereldomroep 16-05-2003 Nederland heeft tot halverwege de 20e eeuw met zeilende vrachtschepen gevaren. De voornaamste doorgangsroute voerde langs Kaap Hoorn. De `Kaap der Kapen´ was berucht vanwege het ruige weer. Maar zij was ook een uitdaging. Vandaar dat zeelui die haar rondden zich trots Kaaphoornvaarder noemden. Zeilende vrachtschepen zijn inmiddels verdwenen en de Kaaphoornvaarders uitgestorven. Op één na: de 88-jarige Pieter van der Hoek. Kaap Hoorn is de zuidpunt van Zuid-Amerika en de zuidelijkste Kaap die zeilschepen vroeger moesten `ronden´. Met de nadruk op 'moesten', want als de schepen een andere route konden volgen, deden ze dat. De zee bij de Kaap kan vreselijk spoken. Volgens nauticus H. Hazelhoff Roelfsema, bestuurslid van de Stichting van Nederlandse Kaaphoornvaarders, kunnen de golven er 18 meter hoog worden: "Zeelui op de grote zeilvaart vochten bij Kaap Hoorn tegen golven, snoeiharde wind, hagelbuien, vermoeidheid en angst. De dreiging om te stranden of met een ijsberg in botsing te komen, was voelbaar voor de bemanning. Die wist vaak niet waar ze was; navigatiemiddelen waren nog heel primitief. De regen, de mist, de zee en de ijsbergen zijn soms niet van elkaar te onderscheiden. Het kan er één grote grijze soep worden." |
|
Laatste aanpassing op vrijdag 10 juli 2009 07:10 |
|
Lees meer...
|
|
|
Kaap HoornKaap Hoorn wordt beschouwd als het zuidelijkste punt van Zuid-Amerika, 55°56' zuid en 67°19' west, en is vernoemd naar de stad Hoorn in de provincie Noord-Holland, Nederland. Kaap Hoorn ligt in Chili, voor de kust van Vuurland. De kaap is geheel kaal, en de enige bewoning is een kleine bemande post, bestaande uit een vuurtoren, een kapel, een woonhuis en een schuur.
Ontdekking en naamWillem Corneliszoon Schouten vernoemde de kaap op 29 januari 1616 naar zijn geboorteplaats, toen hij samen met Jacob le Maire de kaap rondvoer. Er staat letterlijk in het scheepsjournaal: "twelck [dat is: de kaap] onse president ter eeren des stadts van Hoorn noemde Capo Hoorn". Ze waren op zoek naar een vrije doorgang naar het Verre Oosten, omdat Kaap de Goede Hoop en de Straat Magellaan waren voorbehouden aan de schepen van de Vereenigde Oostindische Compagnie. In1619 rondden de broers Bartolomé en Gonzalo García de Nodal de kaap en herdoopten hem in opdracht van de Spaanse Koning als Cabo San Ildefonso. De tegenwoordige Spaanse naam is Cabo de Hornos. Deze naam, die letterlijk Kaap van de Ovens betekent, is afkomstig van de Nederlandse naam, wellicht volksetymologisch vervormd onder invloed van de naamVuurland. Schouten en Le Maire veronderstelden in 1616 nog dat de Kaap op het vasteland van Vuurland lag. Het was waarschijnlijk Gheen Huygen Schapenham, viceadmiraal van de Nassause vloot, die in 1624 ontdekte dat Kaap Hoorn op een eiland lag. De nieuwe route had het voordeel dat de straat, de Straat Le Maire, 16 mijl manoeuvreerruimte had, veel meer dan de paar mijl in de Straat Magellaan. Die manoeuvreerruimte bleek echter over het algemeen niet op te wegen tegen de slechte omstandigheden. Voor Kaap Hoorn is er geen continentaal plat om de stromingen af te zwakken, en de winden die rond Antarctica cirkelen kunnen er stormen veroorzaken met golven die meer dan twintig meter hoog worden. Gemiddeld zijn er per jaar 200 dagen storm rond Kaap Hoorn, en ook de rest van het jaar is de wind er sterk. Scheepvaart Pas in de loop van de 19e eeuw begon het scheepvaartverkeer met regelmaat gebruik te maken van de route rond Kaap Hoorn. Daarmee werd het een uitdaging voor zeiljachten om ook de kaap te ronden. Het eerste zeiljacht dat rond de kaap voer was de Saoirse van Connor O'Brien op zijn tocht rond de wereld van 1923 tot 1925. Sindsdien zijn meer jachten rond de kaap gezeild, maar er zijn er ook vergaan. Ook vandaag de dag blijft de tocht om de kaap een uitdaging voor de zeilvaart. Onder andere komt een van de etappes van de Volvo Ocean Race (voorheen Whitbread Round the World race) voorbij Kaap Hoorn. En verder is er een Stichting Nederlandse Kaap Hoorn-vaarders opgericht, die de herinnering aan de grote zeilvaart om Kaap Hoorn levend wil houden. De stichting looft ook een penning uit aan hedendaagse zeezeilers, die van 50 graden zuid in de Stille Oceaan, rond Kaap Hoorn, naar 50 graden zuid in de Atlantische Oceaan gezeild hebben, of andersom. Hoewel Kaap Hoorn in het algemeen beschouwd wordt als het meest zuidelijke punt van Zuid-Amerika, liggen de Diego Ramirez eilanden nog circa 100 km ten zuid-westen van de Kaap.
Kaap Hoorn en omgeving |
|
Laatste aanpassing op donderdag 12 november 2009 22:58 |
|
|
Hondius kaart Belangrijke aanwinst voor oudheidkamer Kaap Hoorn-vaarders Met steun van het VSB Fonds heeft de Stichting Nederlandse Kaap Hoorn-vaarders in het voorjaar van 2000 een zeer zeldzame kaart kunnen verwerven, een sleutelstuk in de historie van de ontdekking van Kaap Hoorn. Het betreft de Mercator-Hondiuskaart van 1602, waarop Vuurland als een archipel is aangegeven en ten zuiden daarvan - parallel aan Straat Magelaen - een tweede doorvaart tussen de Atlantische en de Stille Oceaan wordt getoond.
In 1615 vertrok de vloot van Le Maire en Schouten uit Hoorn om bezuiden de moeilijk te bezeilen Straat Magelaen een nieuwe weg naar de Stille Zuidzee te zoeken. Op die tocht rondden zij de zuidpunt van Amerika (in feite het zuidelijkste eilandje van de Vuurlandarchipel) en noemden die Kaap Hoorn. Een vraag, die zich tot op heden voordoet, is: Waarop baseerde Le Maire zijn vermoeden van die zuidelijke doorgang? Hoe kon hij die veronderstellen terwijl de grote geografen en cartografen als Ortelius, Plancius, Mercator en Blaeu Vuurland zagen als een deel van een groot zuidelijk vasteland, dat de wereld in evenwicht moest houden. Het antwoord ligt bij de kaartenmaker Jodocus Hondius. |
|
Lees meer...
|
|
Het verhaal van de kok van het 3-mast schip Nederland opgetekend door M. Hoedemaker WZN In 1909 had het 3-mast volschip “ Nederland “ een ongelukkige reis van Melbourne naar Falmouth for orders. Op de reis naar Kaap Hoorn greep een droevig ongeluk plaats. De kok Cornelis Bruin, die mij het verslag daaromtrent overlegde, verhaalt het volgende: In Juni 1908 vertrok het schip van Rotterdam per sleepboot naar Frederikstad in Noorwegen waar het geschaafd en geploegd hout ging laden voor Melbourne in Australië. Behalve Kapitein E. Sparrius; opperstuurman E. Mulder, van Groningen; 2e stuurman Zwaal, van Harlingen en de derde stuurmanh P. Van Tol, van Rotterdam. Verder waren aan boord de zeilmaker, een Zweed die reeds vijf jaren aan boord was en zelfs als Kapitein op een Engels zeilschip had gevaren, voor de rest waren runners voor de reis naar Noorwegen aangenomen. Het zou niet volledig zijn niet erbij te vermelden dat ook de timmerman L. Otto, van Kinderdijk; de kok Cornelis Bruin , van Vlieland; een lichtmatroos A. Thans, van Rotterdam; verder zeven jongens, waarvan twee van de Hulk, een van Bussum, een van Hoek van Holland; B. Kroon van Vlieland, P. Diesbergen van Den Helder en een die Sas heette, aan boord waren. De “ Nederland “ lag 6 weken te laden en hier werden acht matrozen gemonsterd. In de Noordzee had het schip veertien dagen met tegenwind te kampen, waarna men besloot benoorden Schotland om te zeilen. Met de 155ste dag liep het schip de baai van Melbourne in Australië binnen, waar vier man van de bemanning naar het ziekenhuis moesten wegens scheurbuik. Na gelost te hebben werd in de voorhaven van Melbourne graan geladen in zakken. Hier deserteerden alle matrozen en voor hen in de plaats monsterden twee Zweden, twee Fransen, een Fin, een Engelsman en een gewezen Nederlandse marine-matroos. Twintig dagen na vertrek uit Melbourne stierf de 2e stuurman Zwaal aan een hartverlamming. Enige dagen daarna stak een hevige storm op, met de wind ongeveer van achteren, even van bakboord in. De “ Nederland “ lensde voor deze storm weg en de meeste zeilen waren vastgemaakt, behalve de drie ondermarszeilen en het voorstengestagzeil. Er liep een geweldige hoge zee met gevaarlijke brekers. Bruin vertelde verder, dat hij een hut had dicht bij de kajuit en hij had vrije wachten. Acht uur ‘s avonds van die bewuste nacht had de stuurman de wacht, doch de kapitein bleef aan dek tot 10 uur en ging toen even op de canapé liggen, en zei nog tegen de kok en de 3e stuurman dat hij de barometer nog nooit zo laag had zien staan. Bij het aflopen van de wacht kan het wachtsvolk niet van voren naar achteren komen om de wacht te vervangen, aangezien het levensgevaarlijk was de midscheeps te passeren door de enorme hoeveelheid water dat het schip overnam. Alvoren de wacht vervangen was, was het reeds twee uur in de nacht geworden. De luiken hielden zich goed, alleen het achterluik was niet pluis waardoor de lading waterschade kreeg. Er werden plannen gemaakt om bij te draaien en het schip onder de wind te brengen. Het vooronder marszeil dat er nog te veel bijstond zou dan wegggesneden worden, want het zeil vastmaken was geen sprake van. Plotseling werd de “ Nederland “, het was juist op eerste Paasdag 1909, door een geweldige breker van achteren belopen, die alles meenam wat zich op het achterdek bevond, te weten: het stuurrad met twee man, kaartenkamer met twee man er in, ingeslagen schijnlicht, waardoor een zee van water naar beneden in de kajuit en hutten liep. De kapitein stond juist voor het kompas en een jongen stond in lij van de kaartenkamer, beide verdronken, althans men zag ze niet meer terug. De kajuittrap bevond zich in de kaartenkamer. Men kan zich indenken, toen de kaartenkamer weggeslagen werd er grote hoeveelheden zeewater naar beneden stroomden. Eén spaak bleef heel van het stuurrad. De opperstuurman vond men ‘s ochtend om negen uur bekneld tussen de stuurboords talrepen. Van drie uur v.m. tot negen uur v.m. was het schip stuurloos en ten prooi der overkomende golven. De stuurman buitendien gewond zijnde aan zijn hoofd werd in de kooi van de kapitein gelegd. Verder was de reling, reddingboten enz. over boord geslagen. In de kok zijn hut stond bijna een meter water. Bruin vertelde mij dat de derde stuurman riep: kom er uit kok want wij gaan naar de kelder. En de kok heeft inderdaad getracht aan dek te komen, maar hij zag niets anders als schuim en aan dek kon je niet staan. De slachtoffers waren kapitein Sparrius, twee Zweedse matrozen, een jongen van Bussum en een Hollandse matroos. Om acht uur ‘s ochtends kwam de zeilmaker naar het achterdek en werd gevolgd door de timmerman en de overgeblevenden. Een man werd aan het roer gezet om het stukslaan te voorkomen en kleden over het schijnlicht gebonden tegen het indringende water, terwijl ruimte aan dek werd gemaakt om te lopen. De storm nam toen af en werden de nodige zeilen aangeslagen of bijgezet en het schip kreeg weer stuur, toen de timmerman het stuurrrad gemaakt had. Er werd gestuurd op zon, maan en sterren, want de kompassen waren verdwenen. In het begin werd er ‘s nachts opgedraaid. Er werd scheepsraad gehouden en de zeilmaker, een oud-gezagvoerder, nam het commando op zich, en heeft het schip veilig voor Coquimbo ( Westkust van Zuid Amerika ) gebracht. Men kan na het ongeval niet op Kaap Hoorn sturen wegens onvoldoende bemanning en onvoldoende victualie. De dertigste dag na het ongeluk kwam het schip in voornoemde haven binnen. De stuurman nam voor Coquimbo het commando over en trad regelend op met de assuradeuren. Na dertien weken daar gelegen te hebben, vertrok het schip naar Calao in Peru waar een droogdok aanwezig was. Daar aangekomen was de stuurman geregeld dronken en alles werd afgemonsterd en de jongens liepen weg. Toen de kok van boord ging was de zeilmaker nog alleen aan boord. De stuurman werd opgestuurd om rekening en verantwoording te doen in Bussum, terwijl Bruin afmonsterde bij de Nederlandse Gezandschap te Lima in Peru. Hier kreeg hij een bewijs dat hij zijn geld kon ontvangen bij de reder in Bussum. Hij is toen met een Engels schip te Liverpool aangekomen en vandaar op eigen kosten naar Bussum gekomen, alwaar hij zijn afrekening ontving. Een Duitse kapitein en stuurlieden van een Duitse 4-mast bark zijn toen op de “ Nederland “ overgegaan en hebben het schip naar Cardiff gezeild.De zeilmaker maakte de reis nog mee tot Cardiff en is door tussenkomst van de reder in de Prins Hendrik Stichting te Egmond aan Zee opgenomen. Dit was het verslag van de kok Cornelis Bruin van Vlieland, wonende te Woubrugge, Vrouwgeestweg 112, alwaar hij later is gestorven. Hij was een zoon van Jacob Bruin die vroeger kapitein was geweest op het 3-mast schip “ Goede Verwachting “ en is met het schip van de Groot van Vlissingen bij Pillau voor Dantzig gebleven. Deze man was weer een broer van kapitein Gerrit Bruin van het 3-mast volschip “ Adriana “, terwijl er nog een broer van deze beide was die kapitein is geweest n.l. Willem Bruin op de brik “ Gerardus “, ook van de Groot te Vlissingen en het laatst kapitein was op de “Highlander“, een 3-mast volschip welk aangekocht was in Amerike voor een Amsterdamse rederij.
M. Hoedemaker Wzn.
N.B. De reder van de “ Nederland “ was W.A. Huygens te Bussum.
|
|
|
|
De eerste reis van de scheepsjongen Moses Door Ton F.J. Pronker De scheepsjongen Moses (in mijn grootvader’s tijd werd zo'n jongen op zijn eerste reis met kajuitsjongen aangeduid) komt voor zijn eerste reis aan boord en wordt door de kapitein begroet. "Goedemorgen, scheepsjongen Moses. Weet je wel waarom ik je Moses noem? Omdat de jongste aan boord altijd de Moses is. Ik hoop, Moses, dat mijn driemaster "Wasa" je bevalt. Heb je er wel eens over nagedacht, voordat je het dek van een zeilschip betreedt, hoeveel denkwerk van vele generaties alsmede hoeveel ervaringen en opofferingen nodig zijn geweest om dit elegante, snelle en technische volmaakte schip te scheppen? Hemelhoge masten en een wonderlijk geheel van kunstige zeilen met het daarbij behorende lopende want. Met een ondankbare vanzelfsprekendheid nemen wij het weten van generaties aan zeelieden tot ons en benutten het. Daar eens over na te denken, zou eenvoudigweg tot goed zeemanschap moeten behoren. Moses, je behoort te weten dat de zee altijd een grote onbekende is die geen erbarmen kent. De zee begrijpt niets van vriendschap, heeft ook geen deugden en trouw is haar vreemd. Zij neemt je het leven zonder enig gevoel als je fouten maakt. Ik hoop, Moses, dat je begrijpt wat ik je zeg. Met een zeilschip is dat anders. Je zult bemerken dat, als je aan het roer staat en koers houdt, welk een eigenzinnige, geweldige eigen wil in het schip huist die bedwongen moet worden. Zij, het schip, zal je onuitgesproken vragen hoe je het doen wil. Als je het schip met geweld tegemoet treedt, zal het met geweld antwoorden. Als je er echter verstandig mee omgaat, zal het schip zich naar jou wil voegen. Als je het schip trouw blijft, is ook zij trouw. Er zijn gemakkelijke mooie schepen, maar daarnaast minder edele schepen, wat ruwere. Wellicht zal een niet zo edel schip je veiliger door de opkomende, razende storm brengen. Laat het nooit na er naar te streven het schip in haar uiteindelijke geheimen te doorgronden. Nadenken, Moses, is verstandig. Echter, nog beter is het een oplettend gevoel te bezitten. Maar het meest nog is liefde nodig, zoals overal waar mensen in de wereld werken. Wie zijn schip niet liefheeft, zal het nooit begrijpen en zal niets van haar te weten komen. Een schip, jonge Moses, is al een vrouw, want de zeeman geeft niet voor niets vrouwelijke namen aan schepen. Een schip wil bemind worden als een vrouw. Stijfkoppige schepen geven pas toe met milde hand, waar echter een onbuigzame wil achter staat. Het mag je als zeeman niet overkomen te zwak te zijn. Maar bedenk wel: een tros die met een ruk stijf komt te staan, zal breken. Echter, als je haar geleidelijk doorzet, dan zal ze houden. Jaag het schip nooit door de storm en zeil het niet onder water. Is de zee te moeilijk geworden, ga bijleggen en geef tegelijkertijd de dodelijk vermoeide bemanning gelegenheid om te rusten. Geloof nu niet dat je alles weet, want edele schepen zijn als aantrekkelijke vrouwen. Dat zul je merken, Moses, en die zijn niet altijd te vertrouwen. Daarom zijn zij voor een man de altijd durende verleiding. Begrijp je, Moses, wat ik daarmee wil zeggen? Als je nu op de wereldzeeën en aan vreemde kusten de meest verschillende schepen meemaakt en die met open ogen aanschouwt, zal je niet alleen doelmatigheid zien maar ook kenmerkende schoonheid constateren. De scheepsbouwmeester die met nuchtere getallen maar zonder hart een schip bouwt, zal nooit een mooi schip tot stand brengen. Wat telt, is alleen de liefde en het hart voor de scheepsbouw. Ik hoop dat je hiervoor begrip hebt, jonge Moses. Het samenstel van masten, de zeeg, als wel de lijnen van de romp, behoren niet alleen doelmatigheid weer te geven maar moeten ook schoonheid uitstralen, want elegante schoonheid is een te begeren eigenschap van een zeilschip. Dat is alleen mogelijk door de leidende hand van haar scheepsbouwmeester. Nu scheepsjongen Moses, wens ik je voor je eerste reis God's vertrouwen, opmerkzaamheid en bovendien hartstocht voor de zeevaart. Fiete, onze bootsman, zal je morgenvroeg onderrichten en je met de bemanning in aanraking brengen. |
|
Laatste aanpassing op woensdag 16 juni 2010 14:35 |
|
Een selectie van fotos van het bezoek aan Chili Internationale Kaap Hoorn-vaarders bijeenkomst 2010 Onder Nieuwsflits ziet u het verslag
|
|
|
|
|
|
|
Pagina 1 van 2 |

Copyright © 2012 Stichting Nederlandse Kaap Hoorn-vaarders. Alle rechten voorbehouden.
|